Ruimte voor het onverwachte in tijden van controlitis…
23886
post-template-default,single,single-post,postid-23886,single-format-standard,stockholm-core-1.0.5,select-theme-ver-5.1.4,ajax_fade,page_not_loaded,wpb-js-composer js-comp-ver-5.7,vc_responsive

Ruimte voor het onverwachte in tijden van controlitis…

Litouwen – Letland – Litouwen. Dat stond op de agenda voor de vakantie. Met het vliegtuig en de auto. Met drie kleine kinderen. Zulke reizen (en bij uitbreiding om het even welke reis) ondernemen met een jong gezin vraagt hoe dan ook om de controle los te laten en speelruimte te voorzien voor het onverwachte. In het beste geval betekent ruimte voor het onverwachte creëren tijdens zulke vakantie de deur toetrekken, een digitale detox invoeren om onnodige achtergrondruis even te bannen, ‘ont-moetingstijd’, aandacht voor elkaar en open ogen om met een vernieuwde blik te speuren naar het mooie en goede van het leven. In een ander geval betekent ruimte voor het onverwachte geconfronteerd worden met een gestolen portefeuille en alle administratieve beslommeringen van dien. Maar we zitten in ‘goede papieren’, dus na een telefoontje naar Stockholm en wat tijdverlies door bezoek aan fotograaf en consulaat te Riga, is ook dit euvel verholpen. Ware het niet dat diezelfde dag het onverwachte een tweede keer toeslaat en onze cameratas gestolen werd uit de auto die, door eigen onvoorzichtigheid, ongeopend achter bleef om met drie jengelende kinderen in de regen uit te stappen naar het eerste het beste restaurant. U ziet het vast al voor zich.

 

Hoezo, niet verzekerd?

In mijn hoofd hoor ik een ingebeelde verzekeringsagent de analyse maken. ‘U had dat materiaal moeten laten verzekeren. Hoe haalt u het overigens überhaupt in uw hoofd om met drie kleine kinderen ook nog op zulk materiaal te moeten letten? En het gaat om nalatigheid, dus eigen verantwoordelijkheid, dus ook al zouden we willen, kunnen wij niets voor u doen.’ Zelfs als het verzekerd was, zou de terugbetaling van de materiële schade een troostprijs zijn voor het verlies van enkele kostbare herinneringen van de eerste levensmaanden van de jongste die nog op de geheugenkaart staan. Want inderdaad, ook daar vergat ik een back-up van te maken. Mijn zelfbeeld van controlefreak krijgt op zijn zachtst uitgedrukt een deuk.

 

‘Relax. You’re not in control’ …

Niet het soort van ruimte voor het onverwachte dat ik me voorstel bij vakantie. Ondertussen aangekomen aan de prachtige Litouwse kust, waar de kinderen het – gelukkig – niet aan hun hart laten komen, bekomen we nog even. Honderd keer en meer draaien we de film af. We hadden dit… we hadden dat niet… Ook is het zoeken om niet de ‘zwartepiet’ naar elkaar door te schuiven. Uiteindelijk is het knop omdraaien. We kunnen het niet veranderen. We kunnen wel de toekomst veranderen en nu kiezen of we dit onze vakantie laten vergallen of niet. En het is vooral het besef dat het op zich ‘maar materie’ is, maar dat we allemaal ongedeerd zijn, dat ons doet herademen. Het onverwachte heeft ons niet in ons grootste kwetsbaarheid getroffen. Op facebook zie ik dezelfde avond een quote passeren: ‘Relax. You’re not in control.’

 

… versus de illusie van de ‘controlitis’

Ik geef het toe, in dit geval waren we niet goed voorbereid en hadden we de teugels wel wat strakker in handen kunnen hebben. Maar zelfs dan zijn we nooit gevrijwaard voor het onverwachte. Dat is echter wel de illusie die ons op grootschalige manier voorgehouden wordt, de illusie van wat ik (naar Filip Rogiers) ‘controlitis’ noem. Ons leven lijkt in toenemende mate maakbaar en beheersbaar. Tot op bepaalde hoogte zitten we aan de knoppen om ons leven vorm te geven, ligt de wereld als het ware aan onze voeten door keuze van opleiding en professioneel leven, ‘nemen’ we kinderen in plaats van ze te krijgen, … Ons samenleven lijkt controleerbaar. SMART-doelstellingen maken dat organisaties een duidelijk bilan kunnen opmaken van hun werking, camera’s zorgen ervoor dat wangedrag opgespoord en gesanctioneerd kan worden, en onze kwetsbaarheid beschermen we door risico-vermijding, door vingerafdrukken om de crèche binnen te komen, of betonblokken bij grote evenementen. Zelfs onze identiteit kunnen we blijkbaar beschermen en voor indringers in veiligheid brengen, want we kunnen een ‘canon’ formuleren. Alsof we ook dat helemaal onder controle hebben, hadden en zullen hebben. Alsof die identiteit ons van oudsher zo doorgegeven werd, in steen gebetonneerd is, onveranderlijk, en wij dat ook zo zouden kunnen doorgeven. Alsof de ontmoeting en contact met anderen deze niet veranderd hebben en zullen veranderen. Alsof het geen goede zaak is dat het onverwachte dat ons op die manier aanspreekt, ons verrijkt en onze blik verruimd.

Niet dat al deze maatregelen nutteloos zijn. Maar de politicus die durft toegeven dat zelfs ondanks deze ingrepen er iets aan onze controle kan ontglippen, onze veiligheid nooit gegarandeerd kan worden, onze kwetsbaarheid nooit waterdicht beschermd kan worden, moet nog geboren worden.  Dit terwijl we wereldwijd in een tijd leven van wat mijn collega ‘radicale onzekerheid’ noemt. Kijk maar naar het klimaat. Dat er ons iets te wachten staat, staat buiten kijf. Hoe, is een onzekere factor. En toch moeten we binnen dat kader, met die gegevenheid, overgaan tot handelen. Hoe kunnen we die doen zonder in een angstvallige kramp te schieten?

 

Kwetsbaarheid, maar ook openheid en vrijheid hebben een prijs

Want onze kwetsbaarheid met hand en tand willen beschermen, heeft een prijs. Het kost ons onze vrijheid en onze openheid. Want een ‘open samenleving is kwetsbaar’, en een kwetsbare samenleving is open. Het kost ons ook onze solidariteit. Want wie de luxe en de privileges heeft om de eigen kwetsbaarheid te beschermen, vergroot daarmee de kwetsbaarheid van minder fortuinlijke medemensen. Wie als land de luxe heeft om te kunnen bepalen of en voor wie de grenzen open zijn, sluit daardoor letterlijk anderen mensen buiten. Misschien is de grootste kost nog wel dat we onszelf een nieuw, onbekend toekomstperspectief ontzeggen. Het onverwachte brengt een nieuw perspectief binnen, dat we op voorhand niet hadden kunnen bedenken, want anders zou het niet onverwacht, maar bedacht zijn. Misschien is dat nieuwe perspectief soms wel een stoorzender en een bedreiging, maar het kan net zo goed een verrijking zijn. Maar het onverwachte op die manier een kans geven om onze werkelijkheid, onze visie, en uiteindelijk onszelf open te breken, vraagt om loslaten – en misschien wel vooral: toevertrouwen. Durven we?

 

Ellen Van Stichel

 

Deze column verscheen eerder in het christelijke opinieweekblad Tertio (10 september 2019). Info over abonneren of een proefnummer aanvragen: www.tertio.be.